Een dorp om naar terug te keren of te blijven
Ria Hennis woont al ruim veertig jaar in Nederhorst den Berg. Ze komt er niet vandaan, maar noemt het dorp nu zonder aarzeling “gewoon haar dorp”. Vanuit haar huis stapt ze zó de dijk op. “Als ik naar buiten stap, dan sta ik aan de Vecht.” Voor iemand die altijd aan het water wilde wonen, is dit de ideale plek.
Wens om te wonen aan het water
Voor Ria begon het met de wens om buiten te wonen en weg te gaan uit Driemond, een dorp onder de rook van Amsterdam waar iedereen elkaar iets te goed kende. “Als je niet het touwtje uit de deur had, dan belden ze aan om te vragen waarom het touwtje niet uit de deur zat.” In Nederhorst den Berg vond ze wat ze zocht: rust, privacy en water. Het huis wat ze kochten was oud en dichtgetimmerd, maar lag aan de plas en aan de Vecht. In de loop van de jaren vervingen Ria en haar man kozijnen, verschoven de keuken en kwam er een traplift. Verhuizen? Geen denken aan. “We kunnen hier nu goed blijven wonen”
Alles wat je nodig hebt dichtbij
Het dorp zelf noemt ze een streekdorp: langgerekt, met een paar woonwijken eromheen en zo’n vijfduizend inwoners. Het voelt veilig en gemoedelijk. Mensen groeten elkaar, je hebt alles wat je nodig hebt: van slager en bakker tot snackbar en restaurant. Dat restaurant, Het Spiegelhuys, is voor Ria een fijne plek in het dorp. “Ons plaatselijke restaurant met een heerlijk terras in de zon,” zegt ze. “In deze tijd, nu het voorjaar begint, kan je daar al heel snel lekker buiten zitten.” Vanaf Het Spiegelhuys loop je in een kwartier langs de Spiegelplas, over het Ankeveense Pad. “Dan zie je meteen hoe mooi het hier buiten is.”
Bijzondere plekken
Die Spiegelplas is haar andere favoriete plek. Vroeger liep ze er vaak omheen. Nu kan dat minder, maar de liefde voor het water blijft. Het dorp heeft meer bijzondere plekken: Kasteel De Nederhorst dat wordt gerestaureerd tot 12 woningen, omringd door een gracht, de Willibrorduskerk op de berg en even verderop een grote katholieke kerk die waarschijnlijk haar religieuze functie verliest. Ria vindt dat zonde, maar ze ziet ook hoe kerkgebouwen in de omgeving een nieuw leven krijgen, als plek voor concerten en activiteiten.
Het Spiegelhuys als brandend middelpunt
Wat Nederhorst den Berg voor haar ook typeert, is de betrokkenheid van de inwoners. Historische kringen organiseren tentoonstellingen en uitgaven, bewoners bakken samen oliebollen met oud en nieuw, en op Koningsdag is het “één groot feest”. De Oranjevereniging regelt activiteiten voor kinderen, terwijl Het Spiegelhuys fungeert als “brandend middelpunt”. Het dorp verandert, soms heel geleidelijk, soms in één keer zichtbaar, zoals de rommelige, vervuilde plek van de oude garage die na dertig jaar braak plaats heeft gemaakt voor drie mooie huizen.
Terugkeren naar je basis
Als oud-raadslid vocht Ria jarenlang voor woningbouw. Ze maakt zich zorgen over jongeren die vertrekken en niet meer terugkomen. “Als al die jongeren eruit trekken en nooit meer terugkomen, dan gaan die winkels vanzelf een keer weg. Dan krijg je een dood dorp.” Jongeren mogen wat haar betreft de wereld in, als ze maar terugkeren naar hun basis.
Voor haar is dat Nederhorst den Berg geworden: het dorp aan de Vecht, tussen plassen en provinciale wegen, waar het water altijd dichtbij is en het leven dorps blijft, ondanks alle veranderingen. “Helemaal niet erg als je weggaat, als je maar weer terugkomt.”




